• Geschiedenis Lissabon



    Volgens de legende is Lissabon gesticht door de Griekse held Odysseus tijdens zijn lange tocht naar huis, de Odyssee. In werkelijkheid stichtten rond 1200 voor Christus de Fenciërs de nederzetting Alis Ubbo. De Romeinen veroverden deze stad in 205 voor Christus en gaven haar de naam Olissipo. Na de Romeinen verschenen de Germanen en vervolgens de Arabieren. De laatste noemden de stad Aschbouna. Uiteindelijk kreeg de stad de naam Lissabon.

    Onder de moslims, die rond 714 binnenvielen, bloeide de stad weer op en werd ze weer een belangrijk handelscentrum. De naam van de stad was al-Ushbuna of al-Ishbunah. In de volgende eeuwen werd Lissabon veroverd door de Omajjaden van Andalusië en de Almoraviden uit Marokko.
    Koning Alfons I van Portugal veroverde Lissabon op 21 oktober 1147. De belegering duurde 17 weken en de moslims gaven uiteindelijk door honger over. De christenen richtten onder de bewoners (154.000) van al-Ushbuna een waar bloedbad aan, waarbij zij weinig onderscheid maakten tussen christenen en moslims.

    Dankzij zijn centrale ligging werd de stad in 1255 benoemd tot hoofdstad. Lissabon ontwikkelde zich sterk, zowel economisch als cultureel; in 1290 werd de Universiteit van Lissabon gesticht. Met Vasco da Gama’s ontdekking van de zeeweg naar Indië, rond 1500, begon de Portugese Gouden Eeuw. De handel met het verre oosten was op haar hoogtepunt, en de stad ontving veel goud uit Brazilië.

    Deze bloei veranderde in 1531, toen vond er een zware aardbeving plaats, die duizenden slachtoffers maakte. Lissabon kreeg amper tijd om te herstellen, want in 1755 was er weer een aardbeving (beter bekend als De aardbeving van Lissabon). De 15.000 doden vielen niet alleen door instortingen, maar ook door branden en hoge golven uit de rivier. Onder de Marquês van Pombal werd aan de wederopbouw begonnen. Zijn invloed is terug te zien in het strakke stratenplan van het zuiden van de wijk Baixa.

    Ontwikkeling van Lissabon

    Portugal werd in de eerste helft van de 19e eeuw veroverd door Napoleon waardoor de koning, John VI, naar Brazilië vlucht. Doordat er geen koning was ontstonden er republikeinse ideeën. Toen de Koninklijke familie in 1821 weer terugkwam was een groot gedeelte van de bevolking republikein geworden. De tijd die daarop volgt ontstaan er dan ook vele bloederige gevechten tussen monarchisten en republikeinen.
    Na de staatsgreep werd de Eerste Republiek gevormd, die bestond van 1910 tot 1926. Deze kenmerkte zich door grote politieke instabiliteit. Er traden 9 presidenten en maar liefst 45 regeringen aan en af. In de periode van dictatuur die volgde lukte het Salazar niet van Portugal een moderne geïndustrialiseerde natie te maken. Zijn regime, dat meer dan vier decennia is aangebleven, slaagde er wel in Portugal te stabiliseren. Toen de Derde Republiek na de Anjerrevolutie werd geïnstalleerd, vonden brede hervormingen plaats. Met de onafhankelijkheid van de koloniën in de periode 1975-1976 kwam een einde aan het 560 jaar oude Portugese Rijk. Hierna keerden veel Portugezen terug uit de koloniën.

    In 1988 werd Lissabon opnieuw getroffen, ditmaal door een enorme brand die een groot deel van de wijk Baixa in de as legde. Dit commerciële centrum van Lissabon werd opnieuw ingericht, waarbij rekening werd gehouden met de Wereldtentoonstelling Expo van 1998.

    Herstelde banden met Frankrijk en de Europese Unie resulteerden in een economische opleving. In 1986 werd Portugal lid van de EU en in 2002 voerde Portugal de euro in. De Europese samenwerking heeft de ontwikkeling van Portugal goed gedaan. Economisch gezien is Portugal bezig met een inhaalslag ten opzichte van westerse landen. In 1994 was Lissabon Europese, culturele hoofdstad en in 2004 werd het EK voetbal in Portugal gespeeld.